systeemtheorie
zelfstandig naamwoord sisˈtemtejoˌriBetekenis
- methodische verklarende beschrijving van een geheel dat uit onderdelen bestaat die in een blijvende wisselwerking met elkaar en een omgeving staan, zoals die voorkomen in natuur, techniek en maatschappij
Hoe spreek je systeemtheorie uit?
/sisˈtemtejoˌri/
Systeemtheorie bestaat uit vijf lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| i | riet |
| t | tak |
| e | veel |
| m | maan |
| j | ja |
| o | boot |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| systeemtheorietje | verkleinwoord, enkelvoud |
| systeemtheorietjes | verkleinwoord, meervoud |
| systeemtheorieën | meervoud |
Herkomst
samenstelling van systeem en theorie
Woordfamilie van systeemtheorie
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| systeemtheorietje | verkleinwoord | systeemtheorie |
| systeemtheorietjes | verkleinwoord meervoud | systeemtheorie |
| systeemtheorieën | meervoud | systeemtheorie |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van systeemtheorie zijn vastgelegd.