stuiken
werkwoord, zelfstandig naamwoordBetekenis
- door een stoot neervallen
werkwoord
- zeer nauw aan elkaar laten sluiten
Vervoeging van stuiken
stuikenhele werkwoord
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord stuik
Woordfamilie van stuiken
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| stuike | woordvorm | stuiken |
| stuikend | woordvorm | stuiken |
| stuikende | woordvorm | stuiken |
| stuikt | woordvorm | stuiken |
| stuikte | woordvorm | stuiken |
| stuikten | woordvorm | stuiken |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van stuiken zijn vastgelegd.