studentenhuis
zelfstandig naamwoordBetekenis
- gebouw waarin meerdere studenten op kamers wonen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| studentenhuisje | verkleinwoord, enkelvoud |
| studentenhuisjes | verkleinwoord, meervoud |
| studentenhuizen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van student en huis met het invoegsel -en-
Woordfamilie van studentenhuis
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| studentenhuisje | verkleinwoord | studentenhuis |
| studentenhuisjes | verkleinwoord meervoud | studentenhuis |
| studentenhuizen | meervoud | studentenhuis |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van studentenhuis zijn vastgelegd.