stroman
zelfstandig naamwoordBetekenis
- persoon die niet voor zichzelf, maar als werktuig voor een ander handelt, bv. iemand die bij transacties zijn naam leent (katvanger) of in de politiek een 'leider' die slechts de jure aan de macht is (marionet), terwijl de werkelijke macht berust bij iemand anders
- van stro gemaakte pop, vogelverschrikker
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| stromannen | meervoud |
| stromannetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| stromannetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘iem. die voor een ander handelt’ voor het eerst aangetroffen in 1908
Woordfamilie van stroman
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| stromannen | meervoud | stroman |
| stromannetje | verkleinwoord | stroman |
| stromannetjes | verkleinwoord meervoud | stroman |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van stroman zijn vastgelegd.