strandtenthouder
zelfstandig naamwoordBetekenis
- iemand die een strandtent uitbaat
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| strandtenthouders | meervoud |
| strandtenthoudertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| strandtenthoudertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van strandtent zn en houder zn
Woordfamilie van strandtenthouder
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| strandtenthouders | meervoud | strandtenthouder |
| strandtenthoudertje | verkleinwoord | strandtenthouder |
| strandtenthoudertjes | verkleinwoord meervoud | strandtenthouder |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van strandtenthouder zijn vastgelegd.