stramien
zelfstandig naamwoordBetekenis
- model, patroon.
- een grof weefsel van stevige draden, gebruikt als ondergrond voor het borduren.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| stramienen | meervoud |
| stramientje | verkleinwoord, enkelvoud |
| stramientjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘patroon, model’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1898
Woordfamilie van stramien
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| stramienen | meervoud | stramien |
| stramientje | verkleinwoord | stramien |
| stramientjes | verkleinwoord meervoud | stramien |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van stramien zijn vastgelegd.