steekpartij
zelfstandig naamwoordBetekenis
- gevecht met messen en andere steekwapens
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| steekpartijen | meervoud |
| steekpartijtje | verkleinwoord, enkelvoud |
| steekpartijtjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘gevecht met steekwapens’ voor het eerst aangetroffen in 1940
Woordfamilie van steekpartij
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| steekpartijen | meervoud | steekpartij |
| steekpartijtje | verkleinwoord | steekpartij |
| steekpartijtjes | verkleinwoord meervoud | steekpartij |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van steekpartij zijn vastgelegd.