startgeld
zelfstandig naamwoord ˈstɑrtxɛltBetekenis
- vergoeding voor deelname aan een wedstrijd, ongeacht de uitslag (bedoeld om met aantrekkelijke deelnemers meer publiek of sponsors te lokken)
- bedrag dat een deelnemer moet betalen om in een wedstrijd te mogen starten (bedoeld om de organisatiekosten te dekken)
- vergoeding voor het opstijgen van een vliegtuig die een luchtvaartmaatschappij aan de luchthaven betaalt
- bedrag om met een project te kunnen beginnen
Hoe spreek je startgeld uit?
/ˈstɑrtxɛlt/
Startgeld bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| t | tak |
| ɑ | bad |
| r | rood |
| x | acht |
| ɛ | bed |
| l | land |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| startgelden | meervoud |
| startgeldje | verkleinwoord, enkelvoud |
| startgeldjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van start ww en geld zn
Woordfamilie van startgeld
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| startgelden | meervoud | startgeld |
| startgeldje | verkleinwoord | startgeld |
| startgeldjes | verkleinwoord meervoud | startgeld |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van startgeld zijn vastgelegd.