spreekwoordelijk
bijvoeglijk naamwoord /sprekˈwordələk/Betekenis
- zoals in een spreekwoord genoemd
- niet de letterlijke maar de figuurlijke betekenis betreffende
Hoe spreek je spreekwoordelijk uit?
/sprekˈwordələk/
Spreekwoordelijk bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| p | pak |
| r | rood |
| e | veel |
| k | kat |
| w | quiz |
| o | boot |
| d | dak |
| ə | de |
| l | land |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| spreekwoordelijke | verbogen, stellende trap |
| spreekwoordelijker | onverbogen, vergrotende trap |
| spreekwoordelijkere | verbogen, vergrotende trap |
| spreekwoordelijkers | partitief, vergrotende trap |
| spreekwoordelijks | partitief, stellende trap |
| spreekwoordelijkst | onverbogen, overtreffende trap |
| spreekwoordelijkste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
afleiding van spreekwoord met het achtervoegsel -lijk
Woordfamilie van spreekwoordelijk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| spreekwoordelijke | verbogen vorm | spreekwoordelijk |
| spreekwoordelijker | vergrotende trap | spreekwoordelijk |
| spreekwoordelijkere | verbogen vergrotende trap | spreekwoordelijk |
| spreekwoordelijkers | partitieve vergrotende trap | spreekwoordelijk |
| spreekwoordelijks | partitive, positive | spreekwoordelijk |
| spreekwoordelijkst | uninflected, superlative | spreekwoordelijk |
| spreekwoordelijkste | inflected, superlative | spreekwoordelijk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van spreekwoordelijk zijn vastgelegd.