spreekkoor
zelfstandig naamwoord /'sprekor/Betekenis
- een groep mensen die gezamenlijk leuzen schreeuwt
- de leus die door een groep mensen gezamenlijk wordt uitgeschreeuwd
Hoe spreek je spreekkoor uit?
/ˈsprekor/
Spreekkoor bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| p | pak |
| r | rood |
| e | veel |
| k | kat |
| o | boot |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| spreekkoortje | verkleinwoord, enkelvoud |
| spreekkoortjes | verkleinwoord, meervoud |
| spreekkoren | meervoud |
Herkomst
samenstelling van spreken ww en koor zn
Woordfamilie van spreekkoor
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| spreekkoortje | verkleinwoord | spreekkoor |
| spreekkoortjes | verkleinwoord meervoud | spreekkoor |
| spreekkoren | meervoud | spreekkoor |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van spreekkoor zijn vastgelegd.