spraakorgaan
zelfstandig naamwoordBetekenis
- dat deel van de bovenste luchtwegen dat betrokken is bij het produceren van klanken
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| spraakorgaantje | verkleinwoord, enkelvoud |
| spraakorgaantjes | verkleinwoord, meervoud |
| spraakorganen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van spraak zn en orgaan zn
Woordfamilie van spraakorgaan
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| spraakorgaantje | verkleinwoord | spraakorgaan |
| spraakorgaantjes | verkleinwoord meervoud | spraakorgaan |
| spraakorganen | meervoud | spraakorgaan |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van spraakorgaan zijn vastgelegd.