speelnoot
zelfstandig naamwoordBetekenis
- iemand waarmee men speelt
- vriend van de bruidegom of vriendin van de bruid
- bruidsjonker, bruidsmeisje
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| speelnootje | verkleinwoord, enkelvoud |
| speelnootjes | verkleinwoord, meervoud |
| speelnoten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van speel zn en genoot zn
Woordfamilie van speelnoot
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| speelnootje | verkleinwoord | speelnoot |
| speelnootjes | verkleinwoord meervoud | speelnoot |
| speelnoten | meervoud | speelnoot |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van speelnoot zijn vastgelegd.