spaartegoed
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het saldo aan gespaard geld dat bij een bank op een spaarrekening staat
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| spaartegoeden | meervoud |
| spaartegoedje | verkleinwoord, enkelvoud |
| spaartegoedjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van sparen ww en tegoed zn
Woordfamilie van spaartegoed
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| spaartegoeden | meervoud | spaartegoed |
| spaartegoedje | verkleinwoord | spaartegoed |
| spaartegoedjes | verkleinwoord meervoud | spaartegoed |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van spaartegoed zijn vastgelegd.