snotolf
zelfstandig naamwoord ˈsnɔtɔlᵊfBetekenis
- die voorkomt in de kustgebieden van de Noordelijke Atlantische Oceaan
Hoe spreek je snotolf uit?
/ˈsnɔtɔləf/
Snotolf bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| n | nek |
| ɔ | bot |
| t | tak |
| l | land |
| ə | de |
| f | fiets |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- bepaald soort zeevis, Cyclopterus lumpus, die voorkomt in de kustgebieden van de Noordelijke Atlantische Oceaan
- onervaren persoon pejorative
- smerig persoon obsolete, pejorative
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| snotolfje | verkleinwoord, enkelvoud |
| snotolfjes | verkleinwoord, meervoud |
| snotolven | meervoud |
Herkomst
van Middelnederlands snottolf, dat vanaf 1153 tot 1599 alleen als scheldwoord wordt gevonden, in de betekenis van ‘beenvis’ voor het eerst aangetroffen in 1599; als naam van een vis komt het ook in het Duits (Schnottolf) voor, waarbij het eerste deel snot wellicht betrekking heeft op de slijmerige huid van deze vissoort. Voor het resterende "olf" is geen voor de hand liggende verklaring; te denken valt aan wolf
Woordfamilie van snotolf
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| snotolfje | verkleinwoord | snotolf |
| snotolfjes | verkleinwoord meervoud | snotolf |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van snotolf zijn vastgelegd.