sleutelkind
zelfstandig naamwoordBetekenis
- kind van ouders die overdag niet thuis zijn en een sleutel meekrijgt om na schooltijd zelf thuis binnen te kunnen komen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| sleutelkinderen | meervoud |
| sleutelkindje | verkleinwoord, enkelvoud |
| sleutelkindjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van sleutel en kind
Woordfamilie van sleutelkind
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| sleutelkinderen | meervoud | sleutelkind |
| sleutelkindje | verkleinwoord | sleutelkind |
| sleutelkindjes | verkleinwoord meervoud | sleutelkind |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van sleutelkind zijn vastgelegd.