slaapmuts
zelfstandig naamwoord ˈslapmʏtsBetekenis
- muts die men draagt tijdens het slapen
- borrel die men drinkt om goed te kunnen slapen
Hoe spreek je slaapmuts uit?
/ˈslapmʏts/
Slaapmuts bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| l | land |
| a | maan |
| p | pak |
| m | maan |
| ʏ | put |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- meestal in een punt uitlopend hoofdbedekking van textiel, gedragen tijdens de nachtrust
- benaming voor Eschscholzia californica
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| slaapmutsen | meervoud |
| slaapmutsje | verkleinwoord, enkelvoud |
| slaapmutsjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van slaap ww en muts zn **[2] op te vatten als terugvorming uit slaapmutsje zn zonder achtervoegsel -je
Woordfamilie van slaapmuts
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| slaapmutsen | meervoud | slaapmuts |
| slaapmutsjes | verkleinwoord meervoud | slaapmuts |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van slaapmuts zijn vastgelegd.