skihut
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een klein gebouw in de bergen waarin skiërs kunnen uitrusten en wat gebruiken
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| skihutje | verkleinwoord, enkelvoud |
| skihutjes | verkleinwoord, meervoud |
| skihutten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van ski zn en hut zn
Woordfamilie van skihut
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| skihutje | verkleinwoord | skihut |
| skihutjes | verkleinwoord meervoud | skihut |
| skihutten | meervoud | skihut |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van skihut zijn vastgelegd.