sjasliek
zelfstandig naamwoordBetekenis
- aan een spit geroosterde stukjes vlees en paprika
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| sjaslieks | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Russisch, in de betekenis van ‘aan een spit geroosterde stukjes vlees’ voor het eerst aangetroffen in 1975
Woordfamilie van sjasliek
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| sjaslieks | meervoud | sjasliek |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van sjasliek zijn vastgelegd.