schootshoek
zelfstandig naamwoordBetekenis
- hoek met de horizon waaronder een afgeschoten projectiel vertrekt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| schootshoeken | meervoud |
| schootshoekje | verkleinwoord, enkelvoud |
| schootshoekjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Samenstelling van schoot (van schieten) en hoek met het invoegsel -s-
Woordfamilie van schootshoek
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| schootshoeken | meervoud | schootshoek |
| schootshoekje | verkleinwoord | schootshoek |
| schootshoekjes | verkleinwoord meervoud | schootshoek |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schootshoek zijn vastgelegd.