scheprad
zelfstandig naamwoordBetekenis
- rad met schoepen waarmee water uit iets geschept wordt of waardoor iets in beweging gebracht wordt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| schepraderen | meervoud |
| schepradje | verkleinwoord, enkelvoud |
| schepradjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van schep ww en rad
Woordfamilie van scheprad
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| schepraderen | meervoud | scheprad |
| schepradje | verkleinwoord | scheprad |
| schepradjes | verkleinwoord meervoud | scheprad |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van scheprad zijn vastgelegd.