schellak
zelfstandig naamwoordBetekenis
- harsachtige massa die uitgezweet wordt door de lakschildluis ()
zelfstandig naamwoord
- harsachtige massa die uitgezweet wordt door de lakschildluis (Coccus lacca of Laccifer lacca)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| schellakken | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘gomlak’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1766
Woordfamilie van schellak
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| schellakken | meervoud | schellak |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schellak zijn vastgelegd.