scheg
zelfstandig naamwoordBetekenis
- wigvormig stuk hout
- verbreding een vin op de kiellijn aan de achterzijde van een schip die dient om zijdelings afdrijven te voorkomen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| scheggen | meervoud |
| schegje | verkleinwoord, enkelvoud |
| schegjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordfamilie van scheg
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| schegje | verkleinwoord | scheg |
| schegjes | verkleinwoord meervoud | scheg |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van scheg zijn vastgelegd.