rugdrager
zelfstandig naamwoordBetekenis
- draagzak waarmee men een baby op de rug kan dragen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| rugdragers | meervoud |
| rugdragertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| rugdragertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van rug zn en drager zn
Woordfamilie van rugdrager
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| rugdragers | meervoud | rugdrager |
| rugdragertje | verkleinwoord | rugdrager |
| rugdragertjes | verkleinwoord meervoud | rugdrager |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van rugdrager zijn vastgelegd.