ruche
zelfstandig naamwoordBetekenis
- geplooid (kanten) oplegsel (vooral aan dameskleding)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ruches | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘geplooid oplegsel’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1896
Woordfamilie van ruche
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| ruches | meervoud | ruche |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ruche zijn vastgelegd.