roofdier
zelfstandig naamwoord /ˈrovdir/Betekenis
- een dier dat zijn prooi bejaagt en doodt
Hoe spreek je roofdier uit?
/ˈrovdir/
Roofdier bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| r | rood |
| o | boot |
| v | vis |
| d | dak |
| i | riet |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — neuter
- dier dat zijn prooi bejaagt en doodt
- min of meer menselijk dier dat in zijn streven naar macht over lijken gaat figuratively
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| roofdieren | meervoud |
| roofdiertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| roofdiertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘zoogdier dat van vlees leeft’ voor het eerst aangetroffen in 1761
Woordfamilie van roofdier
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| roofdiertje | verkleinwoord | roofdier |
| roofdiertjes | verkleinwoord meervoud | roofdier |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van roofdier zijn vastgelegd.