risotto
zelfstandig naamwoordBetekenis
- rijstgerecht uit Italië, waarbij men de rijst eerst bakt en daarna kookt in bouillon
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| risotto's | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Italiaans, in de betekenis van ‘rijstgerecht’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1929
Woordfamilie van risotto
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| risotto's | meervoud | risotto |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van risotto zijn vastgelegd.