rechtbank
zelfstandig naamwoord ˈrɛx(t)bɑŋkBetekenis
- een instelling waar rechtgesproken wordt
- gerechtsgebouw
- aanrecht (in de keuken)
Hoe spreek je rechtbank uit?
/ˈrɛxtbɑŋk/
Rechtbank bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| r | rood |
| ɛ | bed |
| x | acht |
| t | tak |
| b | bak |
| ɑ | bad |
| ŋ | ding |
| k | kat |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| (rechtbankje) | verkleinwoord, enkelvoud |
| (rechtbankjes) | verkleinwoord, meervoud |
| rechtbanken | meervoud |
Herkomst
samenstelling van recht en bank
Woordfamilie van rechtbank
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| rechtbanken | meervoud | rechtbank |
| rechtbankje | woordvorm | rechtbank |
| rechtbankjes | meervoud | rechtbank |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van rechtbank zijn vastgelegd.