razzia
zelfstandig naamwoord / ˈrɑ.zi.a/Betekenis
- politioneel|politionele drijfjacht
Hoe spreek je razzia uit?
/ ˈrɑzia/
Razzia bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| r | rood |
| ɑ | bad |
| z | zon |
| i | riet |
| a | maan |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- politionele drijfjacht
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| razzia's | meervoud |
| razziaatje | verkleinwoord, enkelvoud |
| razziaatjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘drijfjacht’ voor het eerst aangetroffen vanaf 1840 (niet 1863 ) in Nederland, in een Franstalige journaal, en in 1841 ook in een Nederlandstalige krant (in de berichtgeving over de verovering van Algerije door de Fransen), voor vindplaatsen zie hieronder.
Woordfamilie van razzia
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| razzia's | meervoud | razzia |
| razziaatje | verkleinwoord | razzia |
| razziaatjes | verkleinwoord meervoud | razzia |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van razzia zijn vastgelegd.