ranonkel
zelfstandig naamwoordBetekenis
- geslacht van planten, vaak gekenmerkt door bloemen met vijf bloemblaadjes en voorkomend in vele variëteiten
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- benaming voor planten uit het geslacht Ranunculus, vaak gekenmerkt door bloemen met vijf bloemblaadjes en voorkomend in vele variëteiten
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ranonkels | meervoud |
| ranonkeltje | verkleinwoord, enkelvoud |
| ranonkeltjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘plant’ voor het eerst aangetroffen in 1773
Woordfamilie van ranonkel
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| ranonkels | meervoud | ranonkel |
| ranonkeltje | verkleinwoord | ranonkel |
| ranonkeltjes | verkleinwoord meervoud | ranonkel |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ranonkel zijn vastgelegd.