racket
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een sportvoorwerp bestaande uit een frame met een open ring waarover een netwerk van snaren is gespannen en een handvat
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| racketje | verkleinwoord, enkelvoud |
| racketjes | verkleinwoord, meervoud |
| rackets | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘organisatie van afpersers’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1950
Woordfamilie van racket
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| racketje | verkleinwoord | racket |
| racketjes | verkleinwoord meervoud | racket |
| rackets | meervoud | racket |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van racket zijn vastgelegd.