puntdicht
zelfstandig naamwoordBetekenis
- kort gedicht dat op een compacte, geestige en vaak scherpe manier een zekere waarheid bevat
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| puntdichten | meervoud |
| puntdichtje | verkleinwoord, enkelvoud |
| puntdichtjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘epigram’ voor het eerst aangetroffen in 1644
Woordfamilie van puntdicht
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| puntdichten | meervoud | puntdicht |
| puntdichtje | verkleinwoord | puntdicht |
| puntdichtjes | verkleinwoord meervoud | puntdicht |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van puntdicht zijn vastgelegd.