pulsteller
zelfstandig naamwoordBetekenis
- meetinstrument om pulsen te tellen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| pulstellers | meervoud |
| pulstellertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| pulstellertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van puls en teller
Woordfamilie van pulsteller
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| pulstellers | meervoud | pulsteller |
| pulstellertje | verkleinwoord | pulsteller |
| pulstellertjes | verkleinwoord meervoud | pulsteller |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van pulsteller zijn vastgelegd.