proleet
zelfstandig naamwoordBetekenis
- persoon met weinig verfijnd gedrag
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| proleetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| proleetjes | verkleinwoord, meervoud |
| proleten | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘hufter’ voor het eerst aangetroffen in 1897
Woordfamilie van proleet
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| proleetje | verkleinwoord | proleet |
| proleetjes | verkleinwoord meervoud | proleet |
| proleten | meervoud | proleet |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van proleet zijn vastgelegd.