pro
bijvoeglijk naamwoord, voorzetsel, zelfstandig naamwoord proBetekenis
- voor
- iemand die ergens goed in is
- in plaats van; in ruil voor
- overeenkomstig, naar, volgens, in verhouding tot
Hoe spreek je pro uit?
/pro/
Pro bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| r | rood |
| o | boot |
bijvoeglijk naamwoord
- met een standpunt dat positief is, met een opstelling die steun geeft
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| [A] pro | canonical |
voorzetsel
- met bijval voor, steun gevend aan
Verbuiging en vervoeging (voorzetsel)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| [A] pro | canonical |
zelfstandig naamwoord — neuter
- argumentatie die voor iets pleit
zelfstandig naamwoord
- iemand die zeer vakbekwaam is person
- iemand die golfspelers helpt hun spel te verbeteren
Woordfamilie van pro
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| pro's | meervoud | pro |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van pro zijn vastgelegd.