premie
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de betaling aan een verzekeringsmaatschappij als tegenprestatie voor het aanhouden van een verzekering
- de geldbonus die betaald wordt als een misdadiger gevangen wordt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| premies | meervoud |
| premietje | verkleinwoord, enkelvoud |
| premietjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘beloning’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1624
Woordfamilie van premie
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| premies | meervoud | premie |
| premietje | verkleinwoord | premie |
| premietjes | verkleinwoord meervoud | premie |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van premie zijn vastgelegd.