postbeambte
zelfstandig naamwoord ˈpɔs(t)bəˌʔɑmtəBetekenis
- werknemer bij posterijen (in de tijd dat dit nog een overheidsdienst was ?)
Hoe spreek je postbeambte uit?
/ˈpɔstbəˌɑmtə/
Postbeambte bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| ɔ | bot |
| s | sok |
| t | tak |
| b | bak |
| ə | de |
| ɑ | bad |
| m | maan |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| postbeambten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van post en beambte
Woordfamilie van postbeambte
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| postbeambten | meervoud | postbeambte |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van postbeambte zijn vastgelegd.