polyptiek
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een schilderij op paneel, dat uit meer dan drie delen bestaat
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| polyptieken | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘veelluik’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1859
Woordfamilie van polyptiek
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| polyptieken | meervoud | polyptiek |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van polyptiek zijn vastgelegd.