poffer
zelfstandig naamwoordBetekenis
- ouderwets hoofddeksel voor vrouwen uit Noord-Brabant
- klein pistool
- iemand die op krediet koopt
- een in een speciale pan met ondiepe putjes van een vloeibaar beslag gebakken lekkernij
zelfstandig naamwoord — masculine
- iemand die op krediet koopt (poft)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| poffers | meervoud |
| poffertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| poffertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van poffen met het achtervoegsel -er
Woordfamilie van poffer
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| poffers | meervoud | poffer |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van poffer zijn vastgelegd.