plecht
zelfstandig naamwoordBetekenis
- verhoogd dek aan de voorkant van een vaartuig
- voordek of achterdek
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- plicht obsolete
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| plechten | meervoud |
| plechtje | verkleinwoord, enkelvoud |
| plechtjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het middeleeuws Latijn, in de betekenis van ‘dek’ voor het eerst aangetroffen in 1376
Woordfamilie van plecht
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| plechten | meervoud | plecht |
| plechtje | verkleinwoord | plecht |
| plechtjes | verkleinwoord meervoud | plecht |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van plecht zijn vastgelegd.