plantsel
zelfstandig naamwoordBetekenis
- dat wat men heeft geplant om te laten groeien
- dat wat men van plan is om te planten
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| plantsels | meervoud |
Herkomst
naamwoord van handeling van planten met het achtervoegsel -sel
Woordfamilie van plantsel
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| plantsels | meervoud | plantsel |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van plantsel zijn vastgelegd.