pi
zelfstandig naamwoord piBetekenis
- de letter π, de zestiende letter van het Griekse alfabet
- de wiskundige constante aangeduid met de Griekse letter π, die het irrationele getal dat de verhouding tussen de halve omtrek van een cirkel tot zijn straal weergeeft
Hoe spreek je pi uit?
/pi/
Pi bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| i | riet |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| pi's | meervoud |
| pi'tje | verkleinwoord, enkelvoud |
| pi'tjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘getal dat verhouding tussen middellijn en omtrek van een cirkel uitdrukt’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1847
Woordfamilie van pi
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| pi's | meervoud | pi |
| pi'tje | verkleinwoord | pi |
| pi'tjes | verkleinwoord meervoud | pi |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van pi zijn vastgelegd.