pens
zelfstandig naamwoordBetekenis
- bij herkauwers de eerste afdeling van de maag
- een gerecht bereid van (1)
- buik
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| pensen | meervoud |
| pensje | verkleinwoord, enkelvoud |
| pensjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘buik’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1292
Woordfamilie van pens
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| pensen | meervoud | pens |
| pensje | verkleinwoord | pens |
| pensjes | verkleinwoord meervoud | pens |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van pens zijn vastgelegd.