patatzaak
zelfstandig naamwoordBetekenis
- gelegenheid waar men patat en andere vette snacks kan kopen
- snackbar, frietzaak, frituur, friture, frietkot, frietkraam, patatkraam
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| patatzaken | meervoud |
Herkomst
samenstelling van patat en zaak
Woordfamilie van patatzaak
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| patatzaken | meervoud | patatzaak |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van patatzaak zijn vastgelegd.