parlementariër
zelfstandig naamwoordBetekenis
- iemand die door middel van verkiezingen is verkozen om de bevolking van een land te vertegenwoordigen in het parlement
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| parlementariërs | meervoud |
| parlementariërtje | verkleinwoord, enkelvoud |
| parlementariërtjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘lid van het parlement’ voor het eerst aangetroffen in 1924
Woordfamilie van parlementariër
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| parlementariërs | meervoud | parlementariër |
| parlementariërtje | verkleinwoord | parlementariër |
| parlementariërtjes | verkleinwoord meervoud | parlementariër |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van parlementariër zijn vastgelegd.