parallelweg
zelfstandig naamwoordBetekenis
- weg die min of meer evenwijdig met een andere loopt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| parallelwegen | meervoud |
| parallelwegje | verkleinwoord, enkelvoud |
| parallelwegjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van parallel en weg
Woordfamilie van parallelweg
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| parallelwegen | meervoud | parallelweg |
| parallelwegje | verkleinwoord | parallelweg |
| parallelwegjes | verkleinwoord meervoud | parallelweg |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van parallelweg zijn vastgelegd.