overbuur
zelfstandig naamwoordBetekenis
- iemand die aan de overkant van de straat woont
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| overburen | meervoud |
| overbuurtje | verkleinwoord, enkelvoud |
| overbuurtjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van over en buur
Woordfamilie van overbuur
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| overburen | meervoud | overbuur |
| overbuurtje | verkleinwoord | overbuur |
| overbuurtjes | verkleinwoord meervoud | overbuur |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van overbuur zijn vastgelegd.