oud-aanvoerder
zelfstandig naamwoordBetekenis
- voormalig leider of bevelvoerder
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| oud-aanvoerders | meervoud |
Herkomst
samenstelling van oud bn "voormalig" en aanvoerder zn , volgens spellingregel 6.I geschreven met een koppelteken
Woordfamilie van oud-aanvoerder
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| oud-aanvoerders | meervoud | oud-aanvoerder |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van oud-aanvoerder zijn vastgelegd.