opzegtermijn
zelfstandig naamwoordBetekenis
- opzeggingstermijn, de tijd die zit tussen het opzeggen en het moment dat de afspraak ook echt stopt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| opzegtermijnen | meervoud |
| opzegtermijntje | verkleinwoord, enkelvoud |
| opzegtermijntjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van opzeg ww en termijn
Woordfamilie van opzegtermijn
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| opzegtermijnen | meervoud | opzegtermijn |
| opzegtermijntje | verkleinwoord | opzegtermijn |
| opzegtermijntjes | verkleinwoord meervoud | opzegtermijn |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van opzegtermijn zijn vastgelegd.