opoe
zelfstandig naamwoord ˈopuBetekenis
- Grootmoeder, oma een vrouw met kleinzoon of kleindochter.
Hoe spreek je opoe uit?
/ˈopu/
Opoe bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| o | boot |
| p | pak |
| u | boek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord
- vrouw met kleinzoon of kleindochter person
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| opoes | meervoud |
| opoetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| opoetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
waarschijnlijk een verbastering in (kindertaal) van grootmoeder, "otepoe"; in de betekenis van ‘grootmoeder’ aangetroffen vanaf 1902
Woordfamilie van opoe
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| opoes | meervoud | opoe |
| opoetje | verkleinwoord | opoe |
| opoetjes | verkleinwoord meervoud | opoe |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van opoe zijn vastgelegd.