opbergkast
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een groot meubelstuk waarin men veel spullen kan stoppen die men niet vaak nodig heeft
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| opbergkasten | meervoud |
| opbergkastje | verkleinwoord, enkelvoud |
| opbergkastjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van opberg en kast
Woordfamilie van opbergkast
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| opbergkasten | meervoud | opbergkast |
| opbergkastje | verkleinwoord | opbergkast |
| opbergkastjes | verkleinwoord meervoud | opbergkast |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van opbergkast zijn vastgelegd.